Evelyne schrijft fictie#1 | Astrid

ⒸUnsplash.com By Aaron Burden
’Verse vis! Vers uit de zee!’ riep de visboer. ‘Vijf euro voor 10 stuks!’ riep de groenteboer met een tros tomaten in de lucht. Astrid en haar beste vriendin Emmy liepen samen tussen de marktkraampjes door. Wekelijks spraken ze af bij de kerk om samen hun inkopen te doen. Met hun zakken vol gingen ze dan als afsluiter iets drinken in een broodjeszaak naast de kerk. Hier konden ze naar hartelust tetteren en verloren ze met plezier de tijd uit het oog. Naast een drankje nuttigen ze graag nog een belegd broodje, waarna ze nog graag een koffie met gebak bestelden. Behalve vandaag. Emmy vertelde dat haar nichtjes deze middag op bezoek kwamen en ze graag nog een lekkere appeltaart had gebakken. Astrid keek eerst wat vreemd op en zei dan ‘Ok, tot volgende week dan?’ Ze wuifden elkaar uit aan de kerk en gingen elk een andere kant op. 

Astrid liep diep in gedachten naar het station waar ze de trein naar huis wou nemen. ‘Wat vreemd dat Emmy mij nog nooit eerder over haar nichtjes heeft verteld.’ Ze kwam aan in het station en zag de trein net binnenrijden. Ze haastte zich naar de dichtstbijzijnde deur om op de trein te springen. Die zat helaas vol met kinderen die op schoolreis vertrekken. Ze wurmde zichzelf nog op een lege stoel en slaakte een diepe zucht. ‘Oef, nog net’ dacht ze. Haar zakken had ze op haar schoot moeten zetten omdat alles overladen was met koffers van de kinderen. Al een geluk dat ze er niet over viel bij het instappen. Wanneer de trein vertrok stond de conducteur al naast haar. ‘Mag ik uw kaartje zien, Juffrouw?’ vroeg hij vriendelijk. De kinderen die rechtover haar zaten keken beteuterd naar de conducteur die nog steeds met een grote glimlach naar Astrid keek. Met haar handen vol kon ze moeilijk in haar jaszak zoeken, dus moest ze met haar ene hand alle zakken vastnemen en met de vrije hand gaan zoeken naar haar ticket in haar zak. Het lukte haar om de portefeuille te vinden, maar het bleef steken in haar jaszak. De conducteur merkte dat Astrid zenuwachtig aan het worden was en zei ‘Doe maar rustig, ik kom dadelijk terug’ Hij zette zijn tocht verder en zo kon Astrid het ticket uit haar portefeuille nemen. ‘Waarom steek ik dat ook hierin?’ dacht ze nog bij zichzelf. Door al het zoeken was ze de tijd uit het oog verloren en had ze niet opgemerkt dat ze al aan het volgende station waren aangekomen. ‘Shit’ riep ze en grabbelde alles bij elkaar om nog snel van de trein te kunnen springen alvorens hij terug vertrok. ‘Oef, nog net op tijd’ dacht ze wanneer ze op het perron stond en de trein achter haar voorbij reed. Astrid liep een eind verder op het perron om dan op het stationsplein uit te komen. Daar moest ze het plein schuin over steken om de zijstraat van haar eigen straat in te gaan. Enkele huizen verder stond haar kleine huisje die ze deels cadeau kreeg van haar ouders. Aan de voordeur toegekomen begon ze haar sleutel te zoeken. Ze grabbelde opnieuw in haar jaszak, maar kon het niet direct vinden. Ook haar portefeuille bleek niet in haar jaszak te zitten. 

Astrid schoot in paniek. ‘Die ben ik toch niet verloren op de trein, zeker?’ Opeens voelde ze toch een stukje sleutel en haalde die met een diepe zucht van opluchting uit haar jaszak. Ze stak de sleutel in het deurgat en ging naar binnen. In de keuken gooide ze haar zakken op de tafel en begon als een wildebras in haar jaszak te grabbelen. ‘Damn, dat ding is echt weg!’ zei ze net voor de tranen in haar ogen sprongen. Ten einde raad ging ze met haar hoofd in haar handen aan de tafel zitten. ‘Ik moet iets doen’ zei ze en ze gooide haar jas aan om terug naar het station te gaan. Ze zou vragen hoe ze dit moest oplossen, want ze wist absoluut niet wat ze anders kon doen.

In het station aangekomen zag ze een rij van jewelste staan voor het enige loket die open was. ‘Grr’ dacht ze bij zichzelf. Een kwartier later was het eindelijk aan haar en hijgend van de spanning deed ze haar verhaal. De wat oudere loketbediende lachte vriendelijk. ‘Zeg me eens. Wat is je naam? Op welke treinverbinding was je?’ Astrid antwoordde op de vragen. ‘Ok, ik geef het door aan de conducteur die dienst doet op de lijn en wij laten je iets weten mocht hij terecht zijn. Ga alvast naar het politiekantoor aangifte doen en blokkeer uit voorzorg al je bankkaarten.’ Astrid knikte alleen maar. ‘Dankjewel’ bracht ze nog snel uit en ze vertrok teneergeslagen naar het politiekantoor waar ze opnieuw haar verhaal deed.

Auteursrecht behoort tot ⒸEvelyneVergote Gelieve dit te respecteren en niet zomaar over te nemen.

2 opmerkingen

  1. Leuk Evelyne! Ik neem aan dat het verder gaat? ;) Ik hebner ook wel eens over gedacht om fictie re schrijven, maar ik durf het niet en weet niet waar te beginnen. Een roman uitbrengen is echt mijn droom!

    BeantwoordenVerwijderen